De Dag des Heren

Het beest uit de zee (2)

In de dagen vòòr ‘de Dag des Heren’ (Deel 4)

Mat.8:23-27    En toen Hij aan boord van het schip gegaan was, volgden Zijn discipelen Hem. En zie, er ontstond een grote onstuimigheid in de zee, zodat het schip door de golven bedekt werd; maar Hij sliep. En Zijn discipelen kwamen bij Hem, wekten Hem en zeiden: Heere, red ons, wij vergaan! En Hij zei tegen hen: Waarom bent u angstig, kleingelovigen? Toen stond Hij op en bestrafte de winden en de zee, en er kwam een grote stilte. De mensen verwonderden zich en zeiden: Wat voor Iemand is Dit, dat zelfs de winden en de zee Hem gehoorzaam zijn?

In de vorige les hebben we gelezen dat ‘de zee’ een beeldspraak is voor volken, menigten, naties en talen. (Op.17:15) Ook hebben we gezien dat uit deze menigte het ‘eerste beest’ wordt voortgebracht. (Op.13:1) De Bijbel leert ons dat op één of andere wijze iedereen hierbij betrokken is. Of dat nu individueel is of gezamenlijk in een groep. Met een groep, kun je denken aan een geloofsgemeenschap. In beeldspraak zit je dan met elkaar in dezelfde boot. Zo maakt Mattheüs melding van een wel heel bijzondere boottocht die hij met Jezus en de andere discipelen maakten. Het merkwaardige van het verhaal is dat het volledige schip inclusief bemanning met de golven van de zee bedekt werd en op het punt stond te vergaan, terwijl Jezus sliep, alsof er niets aan de hand was. Nadat de discipelen Jezus haddenwakker gemaakt, zei Hij tegen Zijn volgelingen “waarom ben je angstig, klein gelovige?”

In ‘de laatste dagen’ voor de wederkomst van onze Heer zouden jij en ik wel eens in een zelfde situatie terecht kunnen komen als de discipelen waren. Hoe zou jij reageren als de zee die als een beest te keer gaat en grote druk op je uitoefent. Wellicht raak je net als de discipelen in paniek en schreeuw je: “help, wij vergaan”. In Openbaringen 13 vers 7 staat: En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen, en hem werd macht gegeven over elke stam, taal en volk”. Het is triest, maar de Bijbel voorspelt dat dit ook met vele gelovige uit diverse gemeenschappen zal gaan gebeuren.

Op.8:9             En het derde deel van de schepselen in de zee, die leven hadden, stierf. En het derde deel van de schepen verging.

De schepen die hier in Openbaringen 8 genoemd worden is net als ‘de zee’ beeldspraak en vertegenwoordigen groepen personen die eenzelfde doel nastreven of een gezamenlijk belang hebben. En omdat Openbaringen geschreven is om de kinderen Gods op de hoogte te brengen, te waarschuwen en om zich voor te bereiden van de komende gebeurtenissen is het overduidelijk dat deze boodschap alleen voor de gemeente van Christus bestemd is. Lees Op.1:19 tot Op.3:22. ”Wie oren heeft, laat hij horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.”

Gelukkig hadden de discipelen, Jezus bij hun in het de boot. Maar bedenk eens als zij Hem niet bij zich hadden. Wat zou er dan met deze twaalf leden van deze geloofsgroep gebeurt zijn. De heiligen waarover het beest geen overwinning zal kunnen behalen staat in de volgende zin. En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam dat geslacht is, van de grondlegging van de wereld af” (Op.13:8). Hier staat dat alle geloofsindividuen en geloofsgroepen (schepen) die niet in ‘het boek des levens’ staan opgeschreven (zij die niets met het boek des levens hebben gedaan en dus ook niet hebben gehoorzaamd) aan het einde van ‘de laatste dagen’, alsnog zullen vergaan.

Op.18:19         En zij wierpen stof op hun hoofd en riepen huilend en treurend: Wee, wee de grote stad, waarin allen die schepen op zee hadden, rijk zijn geworden door haar weelde. Want in één uur is zij verwoest.

Hoogste tijd dus om te onderzoeken in welk schip jij zit. En mocht je door welke reden dan ook in een schip met klein gelovigen zitten, dan dien je actie te ondernemen zodat je in een schip (geloofsgroep) komt die wel in staat is om de storm te overleven. Begrijp me goed, ik doe geen oproep om gemeenten te verlaten, maar besef als ooit te voren, hoe ontzettend belangrijk deze boodschap over ‘overleven’ of ‘vergaan’ is. In Openbaringen 18 vers 4 wordt duidelijk melding gemaakt dat ook de kinderen Gods bij het beest van Babylon betrokken zijn en daarom gewaarschuwd moeten worden.

Op.18:4           Ga uit haar weg, Mijn volk, opdat u geen deel hebt aan haar zonden, en opdat u niet van haar plagen zult ontvangen”.

De keuze is aan elke individuele gelovige, om snel tot actie te komen of hij of zij wil breken of juist betrokken wil blijven met het Babylonische systeem. Het zijn de klein gelovigen en met name hun leiders (kooplieden) die straks stof op hun hoofden zullen gooien en huilend uitzullen roepen; ”Wee, wee de grote stadwij vergaan. Met de grote stad waar naar verwezen wordt, wordt niet Jeruzalem de stad van JHWH bedoeld, maar de grote stad Babylon van de tegenstander (satan). In de vorige les zagen we al dat Jezus in Zijn eigen Openbaring, het (eerste) beest dat uit de zee opkwam (Op.13:1), Babylon noemde met de bijnaam Mysterie of Geheimenis.

Op.18:10         Wee, wee de grote stad Babylon, de sterke stad, want in één uur is uw oordeel gekomen.

Op.17:18         En de vrouw die u gezien hebt, is de grote stad, die koninklijke heerschappij voert over de koningen van de aarde.

Op.17:5           En op haar voorhoofd stond een naam geschreven: Geheimenis, het grote Babylon, de moeder van de hoeren en van de gruwelen van de aarde.

Een ieder die in ‘deze laatste dagen’ op een bepaalde persoon of groep zit te wachten die voor het (eerste) Beest moet doorgaan en “de komende antichrist” moet voorstellen, zit er volkomen naast. De antichrist, het eerste Beest uit de zee is er namelijk altijd al geweest (Op.17:8). Wie geloof je, zij die zeggen dat de antichrist nog moet komen of Jezus die zegt: Kinderen, het is het laatste uur; en zoals u gehoord hebt dat de antichrist eraan komt, zijn er ook nu al veel antichristen gekomen, waaruit wij weten dat het het laatste uur is (1Joh.2:18). In Efeze 6 vers 12 heeft Paulus al gezegd wie er achter deze Babylonische ‘Mysterie’ zit. Het zijn geestelijke machten uit het rijk der duisternis. En dat wordt door Jezus in Zijn eigen Openbaring nog eens duidelijk bevestigd.

Op.18:2           En hij riep uit met krachtige stem: Zij is gevallen, zij is gevallen, het grote Babylon, en [Is] een woonplaats van demonen geworden, een schuilplaats voor allerlei onreine geesten en een schuilplaats voor allerlei onreine en weerzinwekkende vogels.

Het (toekomende voltooide tijd) woordje ‘geworden’ in deze Bijbelvertaling doet geloven dat Babylon pas na zijn val een schuilplaats voor demonen is geworden. Waarschijnlijk zal dat ook uiteindelijk zo zijn (Op.18:21), maar is voor nu is dit totaal onlogisch en heeft het voor de tijd waarin we ‘in de laatste dagen’ leven geen enkele betekenis. In deze zin zit het probleem in de vertaling van het werkwoord ‘zijn’. Volgens Strong vertaling, had het vertaald mogen worden in de tegenwoordige tijd met het woordje ‘is’, want het ‘was’ en ‘is’ vandaag actief (Op.17:8). Babylon IS een oord van allerlei onreine en boze geesten. En voordat Babylon voor eeuwig neergeworpen wordt hebben wij allen, mijzelf meegerekend met dit beest, het mysterieuze Babylon af te rekenen. Ja, niemand uitgesloten, iedereen heeft met het eerste beest, de geest van de antichrist te maken gehad of hebben daar nog steeds een bindingen mee.

Op. 18:3          Want van de wijn van de toorn van haar hoererij hebben alle volken gedronken, en de koningen van de aarde hebben hoererij met haar bedreven, en de kooplieden van de aarde zijn rijk geworden door de kracht van haar losbandig leven.

Van angst (klein gelovig) naar (groot) geloof. De reden van angst komt uit ons beperkte geloof. Om een lang verhaal over ‘geloof’ kort te houden komt Bijbels geloof praktisch gezien hier op neer.

Jak.2:14          Wat voor nut heeft het, mijn broeders, als iemand zegt dat hij geloof heeft, en hij heeft geen werken? Kan dat geloof hem zalig maken (behouden)?

Jak.2:17          Zo is ook het geloof als het geen werken heeft, in zichzelf dood.

‘Overleven’ of ‘vergaan’ heeft alles te maken met de werken die uit je geloof voortkomen. Ook wel vruchten genoemd. Want aan de vrucht wordt de boom gekend (Mat.12:33) en de bijl ligt zelfs al aan de wortel van de bomen; elke boom dan die geen goede vrucht voortbrengt, wordt omgehakt en in het vuur geworpen (Mat.3:10). Elke gelovige draagt vrucht, de vraag alleen is, wat voor vrucht en komt deze vrucht(en) uit de stad Babylon of komen je vruchten (werken) uit de Tora van JHWH? Dit is alles waar het hier in Openbaringen met het aanbidden van het beest om draait. Laat hier geen misverstanden over zijn, nogmaals het is Jezus Zelf die Zijn eigen Openbaringen uitlegt, dus ook over welke geloofswerken Babylon vertegenwoordigen. Alles en iedereen die met deze Babylonische werken c.q. vruchten betrokken is, zal in ‘de laatste dagen’ ten gronde worden gebracht. Vader JHWH noemt deze Babylonische vruchten, zonden en ongerechtigheden. “Want haar zonden hebben zich opgestapeld tot aan de hemel, en JHWH herinnerde Zich haar ongerechtigheden” (Op.18:5).

Op.18:11-13    En de kooplieden van de aarde zullen over haar huilen en treuren, omdat niemand hun waren meer koopt: koopwaar van goud, zilver, edelgesteente, parels, fijn linnen, purper, zijde en scharlaken, allerlei geurig hout, allerlei ivoren voorwerpen en allerlei voorwerpen van zeer kostbaar hout, koper, ijzer en marmer, en kaneel, reukwerk, mirre, wierook, wijn, olie, meelbloem en tarwe, lastdieren en schapen, paarden en wagens, en lichamen en zielen van mensen.

De kooplieden die hier genoemd worden zijn de valse profeten en leraren die door de eeuwen heen tot en met vandaag de Babylonische koopwaar aan Gods kinderen  proberen te verkopen. Wat zijn dan al deze goederen, waar zelfs belichamen en zielen van mensen bij zitten? Het zijn allemaal attributen en voorstellingen van afgoden, denk maar aan het de tegenwoordig zo populaire afgod Boeddha. Of het aanbidden van een houten kruis, met of zonder afbeelding van een persoon eraan genageld, een heilig verklaarde persoon, of vul zelf maar in. Welk beeld, vorm, afbeelding, tastbaar en niet tastbaar zoals reuk, ritueel, dans, etc. het ook heeft, wie het van deze kooplieden heeft ontvangen en niet van JHWH heeft een binding of relatie met Babylon. Dit alles staat gelijk aan de vrucht van het beest Babylon. Soms lastig te ontdekken, maar elk van dit soort aanbidding (vrucht) schendt het eerste gebod van JHWH.

Ex.20:3-4        U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben. U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is.

Zie ook Markus 12 vers 30. Hoeveel afbeeldingen dit zijn? Te veel om op te noemen, zelf denk ik ontelbaar, maar het heeft wel één en zelfde doel. Jou van de zuivere waarheid, de Tora en de Gerechtigheid van JHWH vandaan te houden. Het vinden en ontdekken van een afgod in je leven is niet zo eenvoudig. Zeker als je je hele leven ermee vertrouwd ben geraakt. Als  de kooplieden met de verkoop van hun afgoderij ook noch eens geholpen worden door hun naaste medewerkers wordt het nog lastiger.

Op.18:22         En het geluid van citerspelers, zangers, fluitspelers en bazuinblazers zal beslist niet meer in u gehoord worden. En er zal geen enkele beoefenaar van welke kunst dan ook meer in u gevonden worden,

Vergelijk dit vers van Openbaringen 18 vers 22 eens met Daniel 3 vers 5. “Op het moment dat u het geluid hoort van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, panfluit, en allerlei muziekinstrumenten, moet u neervallen en het gouden beeld aanbidden dat koning Nebukadnezar heeft opgericht”. De combinatie van het aanbidden van een afgod (en dat hoeft niet tastbaar te zijn) met muziek en zang is een ijzersterke strategie van de tegenstander. Hier komt de centrale vraag nog eens om de hoek kijken die Openbaringen aan een ieder stelt; Wie aanbid jij? Volg je nog steeds de instructies van de kooplieden met hun mooie beloften en aanbid je daarmee het beest Babylon of volg je de Tora instructies van JHWH op en aanbid je daarmee de enige waarachtige God en schepper van Hemel en aarde.

Op.12:17         En de draak werd boos op de vrouw, en ging heen om oorlog te voeren tegen de overigen van haar nageslacht, die de geboden van JHWH in acht nemen en het getuigenis van Jezus Christus hebben.

Kun je weten wanneer je in het goede schip zit en je naam geschreven staat in het boek des levens? Ja, dat weet je als je de geboden van JHWH opvolgt en het getuigenis van Jezus Christus hebt, dan zit je in een schip dat niet zal vergaan. (Over ‘de getuigenis van Jezus Christus’ kom ik in de volgende lesbrieven op terug.)
Ook al stormt het zo erg, het zal je niet schaden. Dat wil echter niet zeggen dat je leven er makkelijker op wordt. Het is namelijk bekend dat de laatste stormen groter en hardnekkiger zullen zijn die van daarvoor. Het zal hetzelfde zijn zoals ook Jezus en Zijn discipelen hadden ervaard toen ze in de boot zaten. De tegenstander zal in ‘de laatste dagen’ alles uit de kast halen om de ware gelovigen, dat wil zeggen zij die de geboden van JHWH in acht nemen te dwarsbomen. Helaas maakt de Bijbel toch nog melding van een ondergang van de één derde van de schepen met (on)gelovige kinderen Gods (Op.8:9). En ook dit is eerder voorspeld.

1 Tim.4:1         Maar de Geest zegt uitdrukkelijk dat in latere tijden sommigen afvallig zullen worden van het geloof en zich zullen wenden tot misleidende geesten en leringen van demonen,

2 Tess.2: 1-4   En wij vragen u dringend, broeders, met betrekking tot de komst van onze Heere Jezus Christus en onze vereniging met Hem, dat u niet snel aan het wankelen wordt gebracht of verschrikt, niet door een uiting van de geest, niet door een woord, en ook niet door een brief die van ons afkomstig zou zijn, alsof de dag van Christus al aangebroken zou zijn. Laat niemand u op enigerlei wijze misleiden. Want die dag komt niet, tenzij eerst de afval gekomen is en de mens van de wetteloosheid, de zoon van het verderf, geopenbaard is, de tegenstander, die zich ook verheft boven al wat God genoemd of als God vereerd wordt, zodat hij als God in de tempel van God gaat zitten en zichzelf als God voordoet.

Het zijn dezelfde ‘kinderen van het licht’ (zie deel 1 van deze serie lesbrieven) die precies weten hoe en wat er eerst zal komen, voordat ‘de Dag des Heren’ zal aanbreken. Voor hen zal het zeker niet komen als een dief in de nacht (1Thes.5:1-5). Zo zou het ook voor ons vast moeten staan in welk uur van de dag we leven. Lieve mensen, ik ben tot een schrikbarende ontdekking gekomen. Het is niet meer vijf of één minuut voor twaalf, maar het is reeds twaalf uur (middernacht). Lees maar: “Eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren.” De mens der wetteloosheid betekent hier precies het tegenovergestelde van de verbondsgelovigen uit Openbaringen 12:17. De wetteloze (mens) zijn zij die de geboden van JHWH niet in acht nemen. Dit is de grote afval die je vandaag de dag ziet.

De schepen (geloofsgroepen) die de geboden van JHWH niet in acht nemen, willen dat nog steeds niet. Ik heb met verschillende geestelijke leiders (kooplieden) gesproken en zij zeggen rond uit “wij willen niet”. Ook heb Ik wachters over u gesteld: Luistert naar het geklank der bazuin; maar zij zeggen: Wij willen niet luisteren (Jer.6:17). Ik hoef dit niet te bewijzen, kijk maar om je heen, je kunt dit voor jezelf controleren door een gesprek met hen aan te gaan. Merk dan vervolgens op hoe laat het is de Dag des Heren’ breekt aan… want eerst moet de (grote) afval komen. Die afval van schepen die ten onder (zullen) gaan is nu, vandaag in volle gang.

Ja, maar wacht eens even er is nog een voorwaarde voordat ‘de Dag des Heren’ kan aanvangen. Eerst moet de antichrist komen en zich zetelen in Gods tempel en zichzelf uitroepen tot God. Dat is helemaal juist, maar lees het nu eens in de context van de boodschap. de mens(en) van de wetteloosheid (zonder Tora), de zoon van het verderf, de tegenstander, die zich ook verheft boven al wat God genoemd of als God vereerd wordt, zodat hij (de mens) als God in de tempel van God gaat zitten en zichzelf als God voordoet” (2Thess.2:4).

Het staat vast dat het hier niet om één persoon gaat, maar om mensen (meervoud)  allen die niet de geboden van JHWH in acht hebben genomen. Van deze mensen wordt gezegd dat zij zonen zijn van het verderf ofwel zonen van de tegenstander (antichrist) zijn. Dit omdat zij zich laten leiden door de geesten c.q. demonen van Babylon (Ef.6:12) en (Op.18:2). Zij staan volledig in tegenstelling met de zonen Gods die zich laten leiden door de Geest van JHWH. Want allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen Gods (Rom.8:14). Vele gelovigen zijn vandaag misleidt en wachten totdat de aardse tempel gebouwd is, waar straks de antichrist in zal zetelen. Lieve mensen, begrijpt je dan niet dat je menselijk lichaam de tempel van de Levendmakende Geest van JHWH is?

1.Kor.3:16-17  Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont? Als iemand de tempel van God te gronde richt, zal God hem te gronde richten, want de tempel van God is heilig, en deze tempel bent u.

Ook Jezus Christus die zelf mens is, zegt van Zichzelf dat Hij een tempel van de Geest van JHWH is (Mat.26:61). Zelfs de toekomstige tempel die Hij zal gaan bouwen zal uit mensen bestaan. Wie overwint, hem zal Ik tot een zuil in de tempel van Mijn God maken (Op.3:12). Wie is dan de antichrist die zich verheft boven al wat Goddelijk is? Is dat de mens zelf in de toestand van, de wetteloze, die tegen de Tora is, of i.p.v. daarvan iets anders promoot? Paulus zegt toch: de mens van de wetteloosheid”? Hoe weten we dan dat deze mens zonder de wet (Tora) van JHWH zich verheft boven al wat God is”?

Op.18:5-7        Want haar zonden hebben zich opgestapeld tot aan de hemel, en God herinnerde Zich haar ongerechtigheden. Vergeld haar zoals zij ook u vergolden heeft, en vergeld haar dubbel naar haar werken. Schenk in de drinkbeker waarin zij voor anderen ingeschonken heeft, voor haar het dubbele in. Overeenkomstig de maat waarin zij zichzelf heeft verheerlijkt en losbandig heeft geleefd, geef haar naar die maat pijniging en rouw. Want in haar hart zegt zij: Ik zit als een koningin en ben geen weduwe en ik zal zeker geen rouw zien.

Laat ik het antwoord eens met een tegenvraag beantwoorden: Wie zit er op de troon van je hart? Is dit Koning JHWH omdat je Zijn instructies, de Tora opvolgt? Of zeg je net als in Openbaringen 18 vers 7; “IK”. Zoals ook koning Salamo, die vele afgoden aanbad en zichzelf verhief boven God door zes treden onder zijn troon te laten zetten (1.Kon.10:19). Of als koning Nebukadnezar die van zichzelf een afgodsbeeld liet bouwen van zestig el hoog en bij zes el breed en diep (Dan.3:1).

Is er dan nog wel tijd over om in de boot met ‘Het Levende Woord’ te stappen en de werken van JHWH te doen? Zolang het nog dag (licht) is, zeg ik ronduit “ja”. Ik moet de werken doen van Hem Die Mij gezonden heeft, zolang het dag is; er komt een nacht waarin niemand kan werken. (Joh.9:4) Je zult echter wel in actie moeten komen en zo snel mogelijk (ik geef geen tijdgaranties). Om Babylon te kunnen verlaten, zul je eerst alle Babylonische attributen die je bezit (Op.18:11-13) uit je leven moeten verbannen. En vervolgens gaan leven in overeenstemming met Gods Woord. Dan heb je een deur geopend en stel je de Geest van JHWH in de gelegenheid om je verder te leiden en te helpen.

1 Sam.7:3        Toen sprak Samuel tot het hele huis van Israël: Als u zich met uw hele hart tot JHWH bekeert, doe dan de vreemde goden uit uw midden weg, ook de Astartes, richt uw hart op JHWH en dien Hem alleen. Dan zal Hij u uit de hand van de Filistijnen redden.

En let daarbij op, dat alles wat niet Bijbels ook werkelijk uit je leven verwijderd moet  worden. Eens maakte ik de fout om mijn kerst CD’s toch maar te bewaren, ik had er namelijk veel geld voor neergelegd. Toen ik ze weer eens tegenkwam drong het pas goed tot me door. Op de hoes van die CD’s stond. ‘The Glory of Christmas’. Kerstmis verdient helemaal geen glorie, kerst is een Babylonisch product om Gods kinderen te misleiden. Alleen JHWH verdient ALLE Glorie. Lees ook Jozua 7 vers 10 tot 26. Doordat één enkele lid van de groep iets onder zijn tent verborg, ondervond de hele groep er last van, hier was de groep het volk Israel. Pas nadat het probleem was opgelost kon JHWH Zijn volk weer zegenen. Zo worden ook wij in staat gesteld om het doel in de dagen die aan ‘de Dag des Heren’ voorafgaat te bereiken.

Rom.10:4         Want het einddoel van de wet is Christus, tot gerechtigheid voor ieder die gelooft.

 Wordt vervolgd.

Reageer

*