Deel 1: De Bruid van de Messias

Voorwoord.

Zowel in het Eerste als in het Tweede Testament wordt de naam van de Bruid gerefereerd met het Nieuwe Jeruzalem. Merendeel van de gelovigen gaan er vanuit dat dit Nieuwe Jeruzalem een letterlijke stad is dat zich in de hemel bevind en dat deze stad vanuit de hemel zal nederdalen op de aarde. Maar als we goed lezen dan zien we dat dit Nieuwe Jeruzalem, een symbolische betekenis is van de Bruid van de Messias. Maar dan rijst de vraag wie de Bruid van de Messias is.
Wanneer je de brief Openbaringen bestudeert dan wordt deze vraag helder beantwoord. De Bruid van de Messias wordt namelijk vertegenwoordigt door ware gelovigen die de Naam van God en het getuigenis van Jeshua hebben en die het Lam volgen waar Hij ook gaat. Zij zijn de 144.000 uit de stammen van Israël samen met de 144.000 uit de volkeren van de aarde. Daarnaast hebben zij de verzegeling ontvangen van de Naam van God; Aheje. We zullen ontdekken dat naast de brief Openbaring vooral het feest (Moed) Shavuot (Pinksteren) ons een helder blik kan geven op de Bruid van de Messias.
Omdat er verwarring is over de identiteit van de Bruid en over de vraag wie dan wel de gasten van de Bruid zijn, gaan we in deze studie graven in het Woord op zoek naar antwoorden.
Om de uitleg van de identiteit van de Bruid te verduidelijken zal ik het woord ‘groep’ gebruiken. Echter, het Woord spreekt duidelijk dat er maar één volk is en dat er geen onderscheid in personen zal zijn maar het Lichaam van de Messias (de Gemeente) is opgedeeld in twee groeperingen te weten, de Bruid en haar gasten.

De naam van de Bruid is Jeruzalem

Op.3:12              Wie overwint, hem zal Ik tot een zuil in de tempel van Mijn God maken, en hij zal daaruit niet meer weggaan. En Ik zal de Naam van Mijn God op hem schrijven en de naam van de stad van Mijn God, het nieuwe Jeruzalem, dat neerdaalt uit de hemel, bij Mijn God vandaan, en Mijn nieuwe Naam.   

In bovenstaande vers spreekt Jeshua duidelijk dat de Bruid van de Messias de naam van de Stad ‘Jeruzalem’ zal krijgen. Zoals we in de vier Evangeliën geleerd hebben spreekt Jeshua in gelijkenissen en zegt Hij daarom ook: “Wie oren heeft, laat hij horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt” (Op. 3:13). In het vers hiervoor, vers 12 wordt de Bruid van de Messias dus vergeleken met een stad (Jeruzalem). Daar waar je in Openbaring leest over de stad Jeruzalem, lees je over de Bruid van de Messias en lees je over haar kwalificaties, eigenschappen en of kenmerken.

Dat de Bruid van de Messias wordt voorgesteld als de stad Jeruzalem en als zodanig naar haar vernoemd wordt is niet nieuw. Naast de gelijkenis dat Bruid vergeleken wordt met een stad en de naam Jeruzalem krijgt zijn er ook meerdere parabelen. Als je de Geest van Profetie hebt, dat is het getuigenis van Jeshua (Op. 19:10; Op.12:17b) dan versta je de volgende profetie van Jesaja in hoofdstuk 52, vers 1 en 2: “Ontwaak, ontwaak, bekleed u met uw kracht, Sion, trek uw mooiste kleren aan, Jeruzalem, heilige stad! Want voortaan zal in u geen onbesnedene of onreine meer komen. Schud het stof van u af, sta op, zet u neer, Jeruzalem, maak de ketenen om uw hals los, gevangene, dochter van Sion!”. De inhoud van deze profetie wordt in het boek Openbaring verder uitgewerkt en bevestigd in een visioen die Johannes kreeg:

Op. 21:9-10 En een van de zeven engelen die de zeven schalen hadden, vol van de zeven laatste lagen, kwam naar mij toe en hij sprak met mij en zei: Kom, ik zal u de bruid, de vrouw van het Lam, laten zien. En hij voerde mij weg in de geest op een grote en hoge berg en liet mij de grote stad zien, het heilige Jeruzalem, dat neerdaalde uit de hemel, bij God vandaan.

We gaan nu lezen hoe Bruid van de Messias wordt beschreven als een stad (Jeruzalem). Er komt dus geen letterlijke stad uit de hemel nederdalen, maar wel zal De Bruidegom samen met Zijn Bruid vanuit de hemel naar de aarde nederdalen bij Zijn wederkomst. Het doel van de Bruid is om samen met Jeshua als Koning het Koninkrijk van God op aarde te besturen. “En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij zullen als koningen regeren over de aarde” (Op.5:10).

De Bruid gevormd vanuit het Lichaam van de Messias

Het doel van Het Lichaam van de Messias is om een Bruid te vormen dat zonder vlek of rimpel is. Een volk dat heilig en onberispelijk is. in Efeziërs 5 wordt Jeshua en het Lichaam van de Messias (de Gemeente) dan ook vergeleken met de relatie tussen een man en zijn vrouw, hetgeen een groot geheimenis is. In Efeziërs 5 vers 27 staat: “Opdat Hij (Jeshua) haar in heerlijkheid voor Zich zou plaatsen, een gemeente (het Lichaam), zonder smet of rimpel of iets dergelijks maar dat zij heilig en smetteloos zou zijn (de Bruid).

Zowel in de Tenach als in het Tweede Testament wordt het volk van God geleerd om te wandelen in Gerechtigheid. Hebr. 12: 1b en 3 “….En laten wij met volharding de wedloop lopen die voor ons ligt, terwijl wij het oog gericht houden op Jeshua, de Leidsman en Voleinder van het geloof….Want let toch scherp op Hem Die zo’n tegenspraak van de zondaars tegen zich heeft verdragen, opdat u niet verzwakt en bezwijkt in uw zielen”. De goede wedloop lopen is niet eenvoudig. Misleiding, verleiding, het ligt allemaal op de loer.

2 Kor. 11:2 “Want ik beijver mij voor u met een ijver van God. Ik heb u immers ten huwelijk gegeven aan Een Man om u als een reine maagd aan de Messias voor te stellen”. Paulus stelt het Lichaam van de Messias (de Gemeente) voor als een reine maagd om als Bruid te functioneren in het Koninkrijk van God op aarde. Wie Jeshua als Bruid accepteert, ligt niet aan ons. Het is aan de Bruidegom om te bevinden welke gelovigen vanuit Het Lichaam (de Gemeente) zich als een reine maagd kwalificeren. Ik weet niet hoe het met u mannenbroeders is vergaan voordat u met uw vrouw trouwde. Maar Jeshua kiest Zijn Bruid en niet andersom. We weten dat het niet alle gelovigen lukt om een nauwgezet levenswandel te hebben. Toch is een smetteloos levenswandel het kenmerk van De Bruid van de Messias.

De Bruid komt voort vanuit Het Lichaam van de Messias (de Gemeente) die bestaat uit gelovigen vanuit: de 12 stammen van Israël en vanuit de heidenen zoals we kunnen lezen in Openbaring 7 en 14. Deze zijn de eerstelingen gekocht uit de mensen (Op.14:4b). We komen hier later op terug.

Openb. 14:4 “Zij zijn het, die het Lam volgen, waar Het ook gaat. Zij zijn het, die zijn vrijgekocht uit de mensen, Als eerstelingen voor God en het Lam; In hun mond wordt geen leugen gevonden; Ze zijn zonder enige smet.” Jeshua zei: “Als iemand achter Mij wil komen, moet hij zichzelf verloochenen, zijn kruis dagelijks opnemen en Mij volgen” (Luc. 9:23). En velen zullen zeggen: “ik zal U volgen waar U ook heen gaat” (Luc. 9:57). De praktijk pakt vaak anders uit.

De Bruid en het van gezag sprekende getal 12

Wanneer we hoofdstuk 7 en 14 in de Openbaring brief lezen dan zien we daar vooral het getal 12 en een veelvoud daarvan terugkomen als het om de Bruid van de Messias gaat.

Op. 7:4-8            En ik hoorde het aantal van hen die verzegeld waren: honderdvierenveertigduizend waren er verzegeld uit alle stammen van de Israëlieten. Uit de stam Juda waren er twaalfduizend verzegeld, uit de stam Ruben waren er twaalfduizend verzegeld, uit de stam Gad waren er twaalfduizend verzegeld, … uit de stam Zebulon waren er twaalfduizend verzegeld, uit de stam Jozef waren er twaalfduizend verzegeld, en uit de stam Benjamin waren er twaalfduizend verzegeld.

Een belangrijk kenmerk van de Bruid is het getal twaalf (12). Natuurlijk duidt dit vers in hoofdstuk 7 in de eerste instantie op de twaalf stamvaders, de zonen van Israël (Jacob). Want er is geen twijfel mogelijk dat wedergeboren gelovigen uit de 12 stammen van Israël deel uitmaken van de Bruid.
“Zij (de Bruid) had een grote en hoge muur met twaalf poorten, en bij die poorten twaalf engelen. Ook waren er namen op geschreven, namelijk van de twaalf stammen van de Israëlieten” (Op.21:12).
Maar er is meer want het getal ‘twaalf’ duidt op autoriteit en met name op bestuurlijke autoriteit zoals dat van een regering verwacht wordt. Denk aan de 12 apostelen die Jeshua speciaal uitkoos. Zij leerden verantwoordelijkheid en autoriteit uit te dragen. Over hen zegt Openbaring 21 vers 14; “En de muur van de stad had twaalf fundamenten met daarop de twaalf namen van de twaalf apostelen van het Lam.”
In Handelingen 1 vers 8 geeft Jeshua Zijn laatste instructies specifiek aan deze 12 apostelen; “maar u zult de kracht van de Heilige Geest ontvangen, Die over u komen zal; en u zult Mijn getuigen zijn, zowel in Jeruzalem als in heel Judea en Samaria en tot aan het uiterste van de aarde.” Met andere woorden, de 12 apostelen hadden verantwoordelijkheid gekregen over het Woord om deze te bewaren in hun leven door het Woord toe te passen en uit te dragen. Vandaar dat zij als fundamenten van de stadsmuur van Jeruzalem als onderdeel van de Bruid worden gezien. In Openbaring 21 vers 19 en 20 lezen we dat het Nieuwe Jeruzalem, dat is de volledige Bruid, gefundeerd is op 12 kostbare stenen.

En de fundamenten van de muur der stad (de Bruid) waren met allerlei edelgesteente versierd. Het eerste fundament was diamant, het tweede lazuursteen, het derde robijn, het vierde smaragd, het vijfde sardonyx, het zesde sardius, het zevende topaas, het achtste beril, het negende chrysoliet, het tiende chrysopraas, het elfde saffier, het twaalfde amethist (Op.21:19-20).

De eigenschappen van de Bruid is dat zij uiteindelijk een zuiver leven leidde overeenkomstig het Woord. Dit wordt aangeduid met prachtige kostbare stenen. De Bruid stelt het Woord van God als hun hoogste gezag voor. Dit refereert dus naar het getal 12 en is één van de eigenschappen en waarschijnlijk de belangrijkste die de Bruid van de Messias uitdraagt.

Er zijn vele teksten in de Bijbel waar het getal 12 of een veelvoud daarvan in voorkomt, maar ondanks de verkregen autoriteit is het gezag van de gelovige niet altijd in overeenstemming met het Woord. Als voorbeeld zien we dit bij de 12 verspieders voorkomen die als eerste het Beloofde Land binnengingen om deze te verkennen. Het verhaal is u bekend (Numeri 13). Alle 12 waren leidinggevende mannen en hoofden van elke stam. Zij waren door Mozes (beeld van Jeshua) aangewezen om het land eerst te inspecteren en om vervolgens het volk het Beloofde Land in te leiden. Echter, 10 van hen (10 is een beeld van een aardse volheid), waren natuurlijkgezinde denkende personen en gaven een onbetrouwbaar en een op angst gebaseerd rapport uit.

Het verhaal over 12 bespieders geven ook aan dat het niet eenvoudig of vanzelfsprekend is om deel te krijgen aan de Bruid van de Messias.

Izak en Rebekka
Een andere parabel lezen we in Genesis hoofdstuk 24. Nu is geloof en vertrouwen in het woord van de dienstknecht doorslaggevend. Het gaat hier over de toekomstige bruid van Izak. Izak, die door zijn vader Abraham op de berg bijna geofferd werd, is het beeld van Jeshua (de Bruidegom). Rebekka als beeld van de Bruid begaf zich bij de waterbron waar de dienstknecht van Abraham op haar stond te wachten. De waterbron is een beeld van Gods Woord en zij begreep hoe belangrijk dit water (Woord) is en haastte zich om de dienstknecht daarmee te dienen. Merk op wat vers 44 zegt: “dat zij de vrouw zal zijn die de HEERE bestemd heeft voor de zoon van mijn heer”. We zien dat Rebekka door haar daad ook verzegeld werd (vers 47) net zoals de 144.000 uit Openbaring 7 vers 4. We zien ook dat Rebekka in gehoorzaamheid en trouw met de dienstknecht meegaat zonder haar aanstaande bruidegom gezien te hebben. Jeshua zeide tot hem (Thomas): “Omdat gij Mij gezien hebt, hebt gij geloofd? Zalig zij, die niet gezien hebben en toch geloven”.(Joh. 20:29)

De Bruid vertegenwoordigd als de 2 x 144.000 = 288.000

Op. 7:4 En ik hoorde het aantal van hen die verzegeld waren: honderdvierenveertigduizend waren er verzegeld uit alle stammen van de Israëlieten.

Op. 14:1,…3  En ik zag, en zie, het Lam stond op de berg Sion, en bij Hem honderdvierenveertigduizend mensen met op hun voorhoofd de Naam van Zijn Vader geschreven. …die van de aarde gekocht waren.

Op. 14:1-3          En ik zag, en zie, het Lam stond op de berg Sion, en bij Hem honderdvierenveertigduizend mensen met op hun voorhoofd de Naam van Zijn Vader geschreven. En ik hoorde een geluid uit de hemel, als een geluid van vele wateren en als het geluid van een zware donderslag. En ik hoorde het geluid van citerspelers die op hun citers spelen. En zij zongen als een nieuw lied vóór de troon, vóór de vier dieren en de ouderlingen. En niemand kon dat lied leren behalve de honderdvierenveertigduizend, die van de aarde gekocht waren.

Als Openbaring spreekt over 12.000 van elke stam dat uit Israël (Jacob) komt en dat samen het getal 144.000 vertegenwoordigd, wil dit niet zeggen dat het hier om een exacte aantal personen van 144.000 gaat. Het getal 144.000 spreekt namelijk over een volheid van personen die absoluut trouw aan het Woord (=Jeshua) zijn en het moment aangeeft wanneer de Bruid tot volheid /compleetheid is gekomen.

Alleen zij die getrouw zijn aan Zijn Woord komen in aanmerking om de Bruid van de Messias te worden. Denk maar aan de vijf wijze maagden uit Mattheus 25 die hun lampen gevuld hadden met olie. In mijn allereerste lesbrief, zeven jaar geleden schreef ik dat olie het Woord vertegenwoordigt die de vijf wijze maagden in hun leven toepaste. Het Woord is immers een lamp voor je voet en licht op je pad. De dwaze maagden hadden geen olie, ze hadden wel het Woord maar paste deze niet toe in hun leven. Vandaar dat Jeshua tegen hen zei: “Ik ken u niet” m.a.w. “je bent Mijn Bruid niet”. En ze werden uitgesloten van de Bruiloft. Dit wil overigens niet zeggen dat ze verloren zijn, want als laatste in deze gelijkenis zei Jeshua tegen hen: “Wees dan waakzaam, want u weet de dag en ook het uur niet waarop de Zoon des mensen (terug)komen zal. (vers 13)”.
Maar zij die gehoorzaam aan het Woord zijn zien deze dag wel aankomen, omdat zij kinderen van het Licht zijn. (1. Tess. 5:1-5). Laat het eerste een les zijn, want op hetzelfde moment wanneer de Bruiloft in de hemel plaatsvindt zal op de aarde ‘De dag des Heren’ aanvangen. En in die donkere periode, op het middernachtelijk uur zullen de overige van haar nageslacht (Op.12:17) net als de dwaze maagden opnieuw de lampen moeten aansteken.  De vraag die je dan aan jezelf moet stellen en ook zelf kunt beantwoorden is, “blijft mijn lamp aan of laat ik deze uitgaan?

De 144.000 maar nu in de gelijkenis als de stad Jeruzalem

De Bruid in haar voltooiing , volheid, compleetheid, het Nieuwe Jeruzalem is de kroon op het werk van Jeshua. Haar lengte, breedte en hoogte wordt gemeten om aan te geven dat zij absoluut gehoorzaam en vertrouwd zijn met Het Woord. “En de stad lag daar als een vierkant, haar lengte was even groot als haar breedte. En hij mat de stad met de meetlat op: twaalfduizend stadiën. Haar lengte, breedte en hoogte waren gelijk. En hij mat haar muur op: honderdvierenveertig el, een mensenmaat, die ook de maat van een engel is” (Op. 21:16,17). 144 betekent 12 x 12  en beeld, een absolute volmaaktheid van de Bruid van de Messias. Nogmaals, het gaat hier over mensen die ook vergeleken worden met de heiligheid van engelen. Door hun levenservaring met het geschreven Woord Gods zijn zij geschikt bevonden om samen met de Bruidegom verantwoordelijkheid te nemen en deze uit te dragen. We zullen daarom nog enkele kwalificaties van deze gelovigen, die voor de Bruid van de Messias in aanmerking komen benadrukken.

Op.14:4 Zij zijn het die niet met vrouwen bevlekt zijn, want zij zijn maagden. Dezen zijn het die het Lam volgen waar Het ook naartoe gaat. Dezen zijn gekocht uit de mensen, als eerstelingen voor God en het Lam.

De maagdelijkheid van de Bruid

Over de (10) maagden hebben we gesproken. De gelijkenis van een maagd is dat zij zich niet heeft laten beïnvloeden met andere tradities, religies of (on)geestelijke leringen. De brief van Openbaring legt dit duidelijk uit. De Bruid heeft dus ook de wapenrusting van God volledig toegepast in hun leven. Jeshua waarschuwt in Mattheus 24 vier keer dat de gelovigen in de Messias alert en waakzaam moeten zijn voor de vertegenwoordigers die een valse leerstelling verkondigen. Deze waarschuwing mag je niet met een korrel zout nemen want de verleiding is enorm groot en zal alleen maar toenemen, “zodat zelfs de uitverkorenen misleidt zullen worden”.
Voor de leden van de Bruid van de Messias geldt dat zij zich niet hebben laten misleiden om hierin mee te gaan. Praktisch gezien kun je denken aan religieuze feesten, die niet in de Bijbel vermeld worden. Dit in tegenstelling tot de opgedragen Moadim (de feesten van de Eeuwige) die in Leviticus 23 staan opgeschreven. Als gelovigen behoor je deel te hebben aan al déze feesten. Deze feesten vertellen het volledige verlossingsplan tot en met het bruiloftsmaal dat zich aan het einde van het aardstijdperk tijdens het Loofhuttenfeest op aarde zal plaats vinden. Het is een opdracht om daar deel aan te hebben zodat je voorbereid bent voor datgene wat aanstaande is en zodat je je niet laat misleiden. Paulus spreekt in onderstaande vers de gemeenteleden aan en zegt hierover het volgende:

Kol. 2:16-17 Laat dus niemand u veroordelen [misleiden] inzake [koosjer] eten of drinken, of op het punt van een feestdag [MOED], een nieuwe maan of de sabbatten. Deze zaken zijn een schaduw van de toekomstige dingen, maar het lichaam is van Christus.

De gelovigen die de Bruid vertegenwoordigen zijn de verlosten die gekocht zijn door het bloed van het Lam en zij volgen Het Lam waar Hij ook naar toe gaat. “En in hun mond is geen leugen gevonden, want zij zijn smetteloos voor de troon van God” (Op.14:5). Het moge duidelijk zijn dat deze kwalificaties, ik zou het eerder karakter willen noemen, een enorme belangrijke voorwaarde is om samen met Hem als koningen te mogen regeren.
De laatste strijd dat op aarde zal plaatsvinden is daar namelijk van afhankelijk. En dan bedoel ik dat de woorden die de Bruidegom en de Zijne (de Bruid) zullen spreken, alleen Waarheid kan en mag zijn om te kunnen overwinnen.
In Openbaring 19 vers 11 tot en met 21 kunnen we de laatste slag lezen die door de Bruidegom en de Bruid geleverd wordt. Dit keer wordt de Bruidegom met Zijn Bruid voorgesteld als een leger op paarden (Op.19:14). Ook hier is het weer een gelijkenis, “wie oren hebbe die  …. “.  Er is geen ranch in de hemel met 288.000 paarden. Een paard is de gelijkenis van een enorme dynamische kracht. Deze kracht uit zich door een scherp zwaard dat uit de mond van de aanvoerder komt. “En de goddelozen werden gedood met het zwaard van Hem die op het paard zat, namelijk het zwaard dat uit zijn mond kwam” (Op.19:21). Zie je de betekenissen van deze gelijkenis? Vandaar dat de woorden van de Bruidegom en Zijn Bruid uitsluitend bestaan uit het pure Woord van God zonder toevoegingen van menselijke leerstellingen.

Dat de Bruid voorgesteld wordt als een leger paarden is niet vreemd in een parabel lezen we in 1 Kronieken 27: 1-15 dat Davids leger bestond uit 12 divisies (elke stam één). Elke divisie bestond uit 24.000 mannen. Totaal waren er 288.000 soldaten. In 2 Samuel 15:18 en 20:7 lezen we dat ook niet Israëlieten deel uitmaakten van dit leger van Koning David.

 
Er zijn nog meer kwalificaties om in aanmerking te komen voor de Bruid van de Messias. Maar ik geef er nog één omdat die vaak niet goed begrepen wordt. “Dezen zijn gekocht uit de mensen, als eerstelingen voor God en het Lam” (Op. 14:4b). De Bruid van de Messias zijn de eerstelingen.

De Bruid als de twee eerstelingen broden van Shavuot

In Leviticus 23 vers 9 lezen we: “Wanneer u in het land komt dat Ik u geven zal, en u de oogst ervan binnenhaalt, dan moet u de eerste schoof van uw oogst naar de priester brengen. Hij moet de schoof voor het aangezicht van de HEERE bewegen, opdat Hij een welgevallen in u vindt. Op de dag na de sabbat moet de priester de schoof bewegen” (Lev.23:10-11).

Nu kent de Moadim dat in Leviticus 23 beschreven wordt twee Eerstelingen feesten.
1) het eerste feest der Eersteling heeft betrekking op de Bruidegom: “Maar nu, Christus ís opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn”. (1 Kor.15:20) Deze oogst is ongezuurd en komt overeen met het zuivere Woord Jeshua. “Hij, Die geen zonde gedaan heeft en in Wiens mond geen bedrog gevonden is” (1 Petr.2:22).

2) Het tweede eerstelingen feest is, Shavuot dat na zeven sabbatweken plaatsvindt. Even tussendoor, het is ook een verwijzing dat de laatste Shavuot volgt na een jubeljaar, in de wetenschap dat het 70ste jubeljaar in maart 2017 afloopt overeenkomstig de kalender van De Eeuwige.
Laten we lezen wat dit tweede eerstelingen feest onder meer voor het Lichaam van de Messias betekent:

Lev. 23:16          Tot de dag na de zevende sabbat moet u vijftig dagen tellen. Dan moet u de HEERE een nieuw graanoffer aanbieden. Uit uw woongebieden moet u twee broden meebrengen, bestemd voor een beweegoffer. Ze moeten van twee tiende efa meelbloem zijn, met zuurdeeg gebakken; het zijn de eerstelingen voor de HEERE.

Tijdens het tweede Eerstelingen feest, Shavuot (Pinksteren) worden er twee broden van de graanoogst geofferd. We zien dat deze twee broden omhoog geheven of aangeboden worden. We stellen vast dat de Bruidegom Zijn Bruid kiest uit de Gemeente: ”Dezen zijn als eerstelingen”. Het mag duidelijk zijn dat er geen zondige Bruid door de Bruidegom wordt aangenomen. Eenmaal als de Bruid compleet is op een door God gekozen Shavuot, dan zijn zij, de Bruid en de Bruidegom één, geheel en ongezuurd. Dat zij als gezuurde broden worden aangeboden betekent alleen dat hun afkomst uit de mensen zijn, ”Dezen zijn gekocht uit de mensen”.

De vertegenwoordiging van het eerste brood

Openbaring 7 vers 4 “En ik hoorde het aantal van hen die verzegeld waren: honderdvierenveertig-duizend waren er verzegeld uit alle stammen van de Israëlieten”.

Als we gelezen hebben over deze 144.000 die afkomstig zijn uit de twaalf stammen van Israël dan zijn zij onderdeel van het Lichaam van de Messias. Zij zijn het die aangenomen zijn en op Shavuot aangeboden werden als vertegenwoordigers van het eerste brood. Het valt  in dit rijtje op dat Manasse wel genoemd wordt bij de 12 stammen in Openbaring 7, maar Efraïm wordt hier niet benoemd. Dat klopt ook want:

De vertegenwoordiging van het tweede brood

Het tweede brood dat gelijktijdig met het eerste brood op Shavuot aangeboden wordt, resulteert eveneens in 144.000, maar nu die van de aarde gekocht zijn. Dit kun je lezen in Openbaring 14. Zij vertegenwoordigen de volkeren van de aarde (Efraïm). De belofte was via Abraham in drievoud gegeven in Genesis 17 in de verzen 4, 5 en 6. En aan Efraïm zelf: “..en zijn nageslacht zal tot een grote menigte van volken (GOIM) worden” (Gen.48:19b).

Op. 14:1-3          En ik zag, en zie, het Lam stond op de berg Sion, en bij Hem honderdvierenveertigduizend mensen met op hun voorhoofd de Naam van Zijn Vader geschreven. En ik hoorde een geluid uit de hemel, als een geluid van vele wateren en als het geluid van een zware donderslag. En ik hoorde het geluid van citerspelers die op hun citers spelen. En zij zongen als een nieuw lied vóór de troon, vóór de vier dieren en de ouderlingen. En niemand kon dat lied leren behalve de honderdvierenveertigduizend, die van de aarde gekocht waren.

We lezen hier dat deze 144.000 (net als 144.00 van Openbaring 7) zich ook in de hemel bevinden en dat deze de gelijkenis heeft van vele wateren. Vele wateren vertegenwoordigen de vele volkeren op deze aarde. “En hij zei tegen mij: De wateren die u gezien hebt, … zijn volken, menigten, naties en talen” (Op.17:15).

De Bruid van de Messias wordt vertegenwoordigd door zowel gelovigen uit de 12 stammen van Israël als gelovigen uit de volkeren die uit de aarde voortkomen. Tijdens Shavuot worden de twee broden dan ook samen, omhoog geheven en aangeboden aan de Bruidegom om als Bruid in aanmerking te komen.

Shavuot nog niet volledig vervuld

De Moed Shavuot is voor wat het de Bruid betreft nog niet geheel vervuld. Er is echter wel een begin gemaakt tijdens Shavuot in het jaar dat Jeshua naar de hemel ging. Ik bedoel hiermee te zeggen dat de inzameling van de Bruid vanaf dat moment in de tijd zich is gaan vormen. Iedere gelovigen die zijn adem uitblaast, en ten ruste gaat kan verkozen worden om deel uit te maken van de Bruid van de Messias. Nogmaals, de Bruidegom kiest Zijn Bruid uit naar aanleiding van zijn of haar levenswandel.

Jeshua zelf bevestigd: “In het huis van Mijn Vader zijn veel woningen; als dat niet zo was, zou Ik het u gezegd hebben. Ik ga heen om een plaats voor u (de Bruid) gereed te maken” (Joh.14:2).  Dit was een direct antwoord aan de discipelen want zij worden expliciet genoemd bij de bouw van het nieuwe Jeruzalem als de 12 fundamenten met de namen van de discipelen hetgeen een gelijkenis is van de Bruid. Zie Openbaring 21 vers 14.

Met het oog op de Bruid zegt Jeshua in Mattheus 24 vers 40: “Dan zullen er twee (vanuit het Lichaam van de Messias) op de akker zijn; de één zal aangenomen (als Bruid) en de ander zal achtergelaten worden (als gasten van de Bruid).” en in vers 41: “Er zullen twee vrouwen malen met de molen; de één zal aangenomen (als Bruid) en de ander zal achtergelaten worden (als gasten van de Bruid).” 

Het gaat in de eerste instantie over individuen zowel mannen als vrouwen die aangenomen worden als Bruid van de Messias. Dit feest wordt iedere jaar met Shavuot gevierd.

“en zij die gereed waren, gingen met Hem naar binnen naar de bruiloft, en de deur werd gesloten” (Mat.25:10b). Het zou heel goed mogelijk kunnen zijn dat met het komende Shavuot in 2017 de Bruid van de Messias voltooid is en dat de Bruiloft in de hemel kan beginnen. “Op die dag zal het gebeuren, spreekt de HEERE dat u mij zult noemen; mijn Man, en mij niet meer zult noemen mijn Meester” (Hosea 2:15).

De gasten van de Bruid

Op. 7:9-10,13 Hierna zag ik en zie, een grote menigte, die niemand tellen kon, uit alle naties, stammen, volken en talen, stond vóór de troon en vóór het Lam, bekleed met witte gewaden en palmtakken in hun hand. En zij riepen met een luide stem: De zaligheid is van onze God, Die op de troon zit, en van het Lam! En een van de ouderlingen antwoordde en zei tegen mij: Dezen, die bekleed zijn met witte gewaden, wie zijn zij en waar zijn zij vandaan gekomen?

We lezen verder.
 
Op.7:14              Dezen zijn het die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun gewaden gewassen en ze hebben hun gewaden wit gemaakt in het bloed van het Lam.

Op het moment dat de Bruid volledig is en in de hemel bevind, bevinden de gasten van de bruid op aarde en gaan door de grote verdrukking heen tot het moment dat zij voor de troon van God en het Lam staan. Hiermee kunnen we vaststellen dat het eindpunt Jeruzalem is, de stad van de Grote Koning. Er staat een lange reis voor de boeg die de profeten beschrijven als de grotere exodus die zijn weerga niet kent.

 “Zalig zijn zij die geroepen zijn [de gasten van de Bruid] tot het bruiloftsmaal van de bruiloft van het lam” (Op.19:9). In sommige Bijbels is bruiloftsmaal verkeerd vertaald met avondmaal. Kennelijk omdat Jeshua op een avondmaal zei: “Ik zeg u dat Ik van nu aan van de vrucht van de wijnstok niet zal drinken tot op de dag wanneer Ik die met u nieuw zal drinken in het Koninkrijk van Mijn Vader” (Mat.26:29). Maar hier gaat het niet om een avondmaal maar om een Bruiloftsmaal dat als eerste feest in het komende Koninkrijk gehouden wordt nadat de Bruidegom en Zijn Bruid zijn teruggekeerd. Om het bruiloftsmaal te kunnen vieren zullen daar ook de ‘gasten van de bruid’ aanwezig moeten zijn. Jeshua drinkt van de vrucht van de wijnstok samen met Zijn Bruid en Zijn gasten op Zijn Bruiloftsmaal nadat ‘de Dag des Heren’ aan zijn einde is gekomen.

De Dag des Heren

Op het moment dat ‘de Dag des Heren’ begint, bevinden er in principe drie soorten groepen mensen op aarde.
1) De gasten van de Bruid die tijdens de verdrukking ook Jom Teroeha en Jom Kippoer zullen meemaken. Ik geef hen voor de duidelijkheid even de naam van ‘voorstanders’ van het Koninkrijk van God.
2)De tweede groep benoem ik als de ‘tegenstanders’ van het Koninkrijk van God.
3)En de derde en laatste groep de ‘neutralen’. Dit zijn de gelovigen en ongelovigen die een afwachtende houding hebben en de kat uit de boom kijken.

Zacharia hoofdstuk 12, 13 en 14 geeft ons meer inzicht in deze drie soorten groepen. We beginnen met groep 3, ‘de neutrale’ gelovigen. 
Deze groep zou je kunnen plaatsen als de vijf dwaze maagden die wel een lamp (Woord) hebben maar er weinig of niets mee gedaan hebben. Over hen profeteert Zacharia: “Het zal geschieden dat er geen regen zal vallen op hem die uit de geslachten van de aarde niet zal opgaan naar Jeruzalem om zich voor de Koning, de HEERE van de legermachten, neer te buigen. Als het geslacht van de Egyptenaren, waarop geen regen is gevallen, niet zal opgaan en komen, dan zal de plaag komen waarmee de HEERE de heidenvolken zal treffen die niet zullen optrekken om het Loofhuttenfeest te vieren. Dit zal de straf zijn voor de zonde van Egypte en de straf voor de zonde van alle heidenvolken die niet zullen opgaan om het Loofhuttenfeest te vieren” (Zach.14:17-19). Ook hier geldt dat velen geroepen zijn, doch weinig uitverkoren omdat zij liever bezig zijn met hun eigen belangen (Mat. 22). Deze passieve houding wordt op een zelfde wijze door God beantwoord als tijdens plagen die Egypte trof. Lees ook Openbaringen 15 en 16. En zij lasteren de Naam van God, en zij bekeerden zich niet om Hem eer te geven.

De tweede groep, de tegenstanders van het Koninkrijk van God, hebben zich verzamelend om naar Jeruzalem op te trekken om te strijden tegen de bewoners van het Beloofde Land (Zach.14:2). Uiteindelijk zal deze strijd overgaan in een strijd tegen de nieuwe Koning en de Zijne (de Bruid). Dan zal de profetie van Zacharia 12 vers 9 in vervulling gaan: “Op die dag zal het gebeuren dat Ik alle heidenvolken die tegen Jeruzalem oprukken, zal willen wegvagen.” Opmerking; De vertaling met ‘Op die dag’ had beter vertaald kunnen worden met “In die dag”, zoals in The King James Bible “In that Day”, dat een directe verwijzing naar ‘De Dag des Heren’. Verder doet de Nederlandse vertaling van de woorden ‘zal willen’ overkomen als een wens. De Hebreeuwse grondtekst (H1245) is echter meer ‘noodzakelijk willen’. Deze tegenstanders zullen zoals Openbaring 19 vers 21 dat zegt, gedood worden en niemand zal van deze groep overblijven.

Zacharia verwijst vele keren naar deze dag, dezelfde periode van de grote verdrukking waarin ook ‘de voorstanders’ van het Koninkrijk van God zich in bevinden. Jeshua zei: “Want waar het dode lichaam is (de tegenstanders), daar zullen de arenden (voorstanders) zich verzamelen” (Mat.24:28). Deze eerste groep, de toekomstige gasten van de Bruid zullen zoals we weten ‘in deze dag’ optrekken naar Jerusalem om op tijd voor het bruiloftsmaal aanwezig te zijn. Van hen profeteert Zacharia: “en een derde ervan zal overblijven. Ik zal dat derde deel in het vuur brengen en het louteren, zoals men zilver loutert. Ik zal het beproeven, zoals men goud beproeft. Het zal Mijn Naam aanroepen en Ík zal het verhoren. Ik zal zeggen: Dit is Mijn volk en zij zullen zeggen: De HEERE is mijn God” (Zach.13:8-9).

We zien hier de MOED Jom Kippoer in terug, als laatste beproeving voor de gasten van de Bruid. Zij zijn de herfstoogst die de perskuip ingaan (Op.14:19-20). Voor degen die door de mand vallen zal Hij zeggen: “Vriend, hoe bent u hier binnengekomen terwijl u geen bruiloftskleding aan hebt? En hij zweeg. Toen zei de koning tegen de dienaars: Bind hem aan handen en voeten, neem hem mee en werp hem uit in de buitenste duisternis; daar zal gejammer zijn en tandengeknars. Zo zijn er velen geroepen, maar weinigen uitverkoren” (Mat.22:12-14).

De uitverkoren zijn het volk dat in het komende millennium de aarde zullen bevolken. Zij komen net als bij de Bruid van de Messias, uit zowel de twaalf stammen van Israël als uit de volkeren van de aarde; een schare die niemand tellen kan.

In sommige Bijbelvertalingen staat er in Zacharia 14:6 staat er een foutieve vertaling die veel verwarring en onrust onder de gelovigen gebrachte heeft en dat nog steeds doet.  Het betreft ene vertaling over de eerste groep, ‘de voorstanders’

Zach. 14:16 Het zal geschieden dat al de overgeblevenen van alle heidenvolken die tegen opgaan naar Jeruzalem zijn opgerukt, van jaar tot jaar zullen opgaan om zich neer te buigen voor de Koning, de HEERE van de legermachten, en om het Loofhuttenfeest te vieren.

Sommige gelovigen menen dat met deze vers ‘de tegenstanders’ zich altijd nog kunnen bekeren. Maar zij vergeten dat Jeshua dan geen Priester meer is, maar als Koning zal terugkeren. Verder zijn ‘de tegenstanders’ niet naar Jeruzalem gekomen op voor Koning Jeshua te buigen, laat staan om op het Loofhuttenfeest deel te nemen aan het bruiloftsmaal. Als je een dergelijk vers in de Bijbel tegenkomt die je niet vertrouwd, lees dan altijd de boodschap in de context, (hoofdstuk 12, 13 en 14). Het is onmogelijk dat De Eeuwige in Zijn Eigen Woord, Zichzelf tegenspreekt. Het Hebreeuwse woord ‘AL’ (H5921), is een toevoegsel, dat hier met ‘tegen’ is vertaald, maar het had ook met ‘op(gaan)’ vertaald kunnen worden. Verder zijn de woorden ‘zijn opgerukt’ toegevoegd en staan niet in de Hebreeuwse grondtekst. Zach. 14 vers 16 gaat duidelijk over de groep ‘voorstanders’ van het Koninkrijk, de gasten van de Bruid en zoals openbaring vermeld de enig groep is die overblijft uit de grote verdrukking. Verder zijn er geen groepen die het Koninkrijk van God zullen erven. Jeshua zegt: “Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is” (Mat.7:21-23) (Luc.13:27) (Mat.12:50).

De bruiloftsgasten die zich met Gerechtigheid bekleed hebben, “zij zijn de overige van haar nageslacht die de geboden van God in acht nemen en het getuigenis van Jezus Christus hebben“(Op.12:17). “en het getuigenis van Jeshua is namelijk de geest van profetie” (Op.19:10b). Dit zijn de voorwaarden om het Koninkrijk van God binnen te kunnen gaan. Jeshua zei eens tegen een leraar van Israël: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als iemand niet geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk van God niet binnengaan” (Joh.3:5).
Geboren worden uit water is dat je een compleet nieuwe levensstijl hebt aangenomen dat overeenkomt met het Woord van God, denk bijvoorbeeld aan de 10 geboden. En geboren worden uit Geest is dat je de Bijbelse Profetieën gelooft, bestudeerd en ernaar leeft zodat zij ook in jouw leven in vervulling zullen gaan.

Op.7:14 En ik zei tegen hem: U weet het, mijn heer. En hij zei tegen mij: Dezen zijn het die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun gewaden gewassen en ze hebben hun gewaden wit gemaakt in het bloed van het Lam.

Wanneer begint ‘die Dag’

“En weer een andere engel kwam bij het altaar vandaan, en die had macht over het vuur. En hij riep met luide stem tegen hem die de scherpe sikkel had, en zei: Zend uw scherpe sikkel en oogst de trossen van de wijnstok van de aarde, want de druiven ervan zijn rijp” (Op.14:18).
Op dit moment nemen vele gelovigen het zekere voor het onzekere. Zij hebben zich voor de grote reis voorbereidt om op het moment dat De Ruach van God het sein geeft om te verzamelen te kunnen vertrekken. Samen met medegelovigen nemen zij deel om met de grotere exodus die zijn weerga niet kent richting de stad van de Grote Koning te begeven. In het boekje wat ik in 2015 rond deze tijd schreef “Wees dan waakzaam” en gratis te downloaden is, kun je lezen over deze enorme grotere exodus die door profeten is voorzegt.

Min of meer weten we eigenlijk wel wanneer ‘die Dag de Heren’ ongeveer begint, namelijk met (de laatste) Shavuot. Dit wordt ook bevestigd door Petrus. In zijn eerste openbare preek op de dag van een Shavuot. De preek van Petrus had een Profetische tint. Vele dochters en jonge mannen hebben de Geest van God ontvangen en zijn als de Bruid van de Messias (of als bruiloftsgast) in aanmerking gekomen. Deze profetische Shavuot preek was echter nog niet afgelopen, “En Ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden: bloed, vuur en rookwalm. De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en ontzagwekkende dag van de Heere komt” (Hand.2:19-20). Er zijn vele profetieën die naar ‘de Dag de Heren’ verwijzen. Zoals Petrus daar ook naar verwijst. Er staat een compleet verslag in Joel 2. Lees ook de lesbrieven van Petrus waarin hij verder informatie geeft over die ‘Dag des Heren’. Want het zal zijn de dag van de wraak van de HERE, het jaar van de afrekening om de rechtszaak van Sion (Jes.34:8). Tijdens die verschrikkelijk periode op aarde hebben we elkaar nodig en kunnen we elkaar steunen met elkaars talenten. Dan hoeft het ook geen trieste bedoeling te zijn als we richting de stad van de Grote Koning begeven. “Laten wij blij zijn en ons verheugen en Hem de heerlijkheid geven, want de bruiloft van het Lam is gekomen en Zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt” (Op.19:7). “En hij zei tegen mij: Schrijf: Zalig zijn zij die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft van het Lam. En hij zei tegen mij: Dit zijn de waarachtige woorden van God” (Op.19:7). En we bidden: “Uw Koninkrijk kome. U wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op de aarde” (Mat.6:10).

Op.7:15-17 Daarom zijn zij vóór de troon van God, en dienen Hem dag en nacht in Zijn tempel. En Hij Die op de troon zit, zal Zijn tent over hen uitspreiden. Zij zullen geen honger of dorst meer hebben, en geen zonnesteek of enige hitte zal hen treffen. Want het Lam, Dat in het midden van de troon is, zal hen weiden en zal hen geleiden naar de levende waterbronnen. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen.

Ik wens je een gezegend 2017 toe en veel wijsheid met het bestuderen van Zijn Woord.

Shalom,

Winand F. Breuer

Reageer

*